Sonett-Archiv

Normale Version: Wandel-zaal
Sie sehen gerade eine vereinfachte Darstellung unserer Inhalte. Normale Ansicht mit richtiger Formatierung.
.

Ze dreevlen op hun kloefkens, twee aan twee,

in lange, schoone reken door de zaal,

wandelend stil-voorzichtig, klein-gedwee,

vol schamelheid en bang-schuwe oogentaal,



en staren - smartgezichtjes vreemdlijk-vaal,

éen roerend-droev'ge, sprakelooze beê

naar liefdes lieflijk zoenend zongestraal -

uit donkre diepten van hun lichtloos wee



eerst naar den meester, die verveling-zwaar,

met loomen, langen stap de zaal door-schrijdt,

en dan, vol heimwee, naar de speelplaats, waar



der dichte sneeuwvlaag vreedge lieflijkheid,

in koelen, kalmen val, geluidloos-stil,

de aard wijd en wit bevloert naar heuren wil...
Referenz-URLs