Sonett-Archiv

Normale Version: Volendam
Sie sehen gerade eine vereinfachte Darstellung unserer Inhalte. Normale Ansicht mit richtiger Formatierung.
De wind doet botter dansen aan de lijn,

die kim heet, maar de zee ligt stil in haven,

waar steil uit dekkenvolt', in vaal begraven

van net en zeilen, honderd masten zijn,



Den smallen dijkrug met de huizen klein,

hangend aan eenen kant, kwam zonbui laven, -

en tinten, die mijn oog al wonders gaven,

worden als teeder schoon uit ouden schrijn.



Kantblank ovaal besluit blanke gelaten

en witte kelen dragen bloed'ge snee

van roode snoeren, doffe zwartsels laten

fel zilvren knoopen. Poppen, spelen mee

op het tooneel kinders in lange kleeren,

die van den lieven zwier geen zier ontberen.
Referenz-URLs